Trouw achter de schermen bij Jochem Myjer

Niets aan het toeval overlaten


Komiek Jochem Myjer moet - sinds de tumor in zijn nek is weggehaald - met nog meer discipline leven om te doen wat hij het liefste doet: optreden. Trouw volgt de populaire cabaretier tijdens een werkdag in Zaandam. 'Ik wil controle tot drie cijfers achter de komma.'

Tekst Rinske Wels | Fotografie Maartje Geels
Trouw De Verdieping woensdag 1 november 2017

Op de perspremière van 'Adem in, adem uit', bijna drie weken geleden, ontsnapte komiek Jochem Myjer aan een ramp zonder dat hij het wist. Twee uur voor aanvang van de voorstelling crashte de computer waar alles op staat: lichtstanden, het geluidsdecor, projecties. Zonder spelen gaat niet. Zijn crew hield het bij hem weg, hij merkte niets van de paniek die achter de schermen heerste. Vond juist dat iedereen zo relaxed was. Anderhalve week later, als Jochem na de premièrereeks in Theater Carré zijn toernee hervat in het Zaantheater, hoort hij pas wat er gebeurde. Hij krijgt alsnog een hartverzakking, maar weet ook: ik werk voor mijn gevoel met de allerbeste mensen uit mijn vak en ze kennen mij door en door. Overigens deed het kroonjuweel het net op tijd weer en de show ging technisch foutloos.

Als komiek staat Jochem Myjer op grote hoogte. Zijn shows zijn feelgood entertainment met imponerende special effects in decor, licht en geluid. Zijn shows zijn steevast uitverkocht en zeer geliefd bij jong en oud vanwege zijn aanstekelijke mix van vrolijke familieverhalen, veelzijdige liedjes en grappige typetjes. Zo zijn er in deze show de strenge Duitse vioollerares en een gemoedelijke Antilliaanse douanebeambte die op het vliegveld alle functies blijkt te bekleden. Myjer is gedreven en bedrijft humor op topsnelheid; hij laat grap op grap volgen en maakt herkenbare situaties graag absurd, zoals een bezoekje aan de biologische supermarkt waar "de natuur haar eigen tempo bepaalt". 'Adem in, adem uit' oogstte dan ook vier tot vijf sterren in de recensies. Hoe bereidt Jochem Myjer zich voor op de topprestatie die hij 's avonds moet leveren?

Rond 16.00 uur komt Myjer het Zaantheater binnen. Hij begroet de mensen van het theater, zijn eigen team en loopt direct door naar kleedkamer 3. Hij legt zijn tas neer aan de zijkant waar al de nodige spullen staan: een fles wodka, deodorant, handdoeken, een tasje met cadeaus van fans. Allerhande poeders en pillen voor mogelijke kwalen: "Ik ben een hypochonder." En er staat een legergroene stretcher. Die wodka blijkt later in een plantenspuit een beproefde theatertruc om nare geurtjes uit kleren te krijgen zonder ze te wassen.

Aangezien het Zaantheater direct aan de Zaan ligt, haalt hij zijn hengel uit de auto en gaat vliegvissen, zijn grote hobby. "Ik vind dat heerlijk, je bent direct in gevecht met de vis. Ik heb een vrij overzichtelijk leven: ik treed op, ik vis, ik schrijf kinderboeken en ik ben bij mijn kinderen." Zijn vriend Bob - kok, chauffeur, volgspotter en bodyguard ineen - ving eerder deze dag al snoekbaars. Dat wil Myjer ook, maar dat lukt vandaag niet. Tot zijn frustratie, want hij is competitief ingesteld.

IJzeren regime
In 2011 kroop Jochem Myjer door het oog van de naald toen er een tumor werd ontdekt in zijn ruggenmerg. Tijdens een urenlange operatie werd die zo goed als verwijderd en daarna begon het revalidatieproces. Myjer kan nog maar 65 procent van wat hij vroeger kon. Die zet hij doordeweeks nauwgezet in om er drie keer twee uur honderd procent van te kunnen maken. Want hij speelt consequent op dinsdag, woensdag en donderdag. Vaker niet, dat redt hij fysiek niet en hij wil graag tijd doorbrengen met zijn gezin. Op vrijdag, als zijn kinderen op school zitten, slaapt hij bij. Zo heeft hij het weekend en maandag voor een 'gewoon' leven.

'Ik heb een vrij overzichtelijk leven: Ik treed op, ik vis, ik schrijf kinderboeken en ik ben bij mijn kinderen.'

Myjer verblijft de dagen dat hij optreedt in een hotel in de stad waar hij staat. Het liefst een met een zwembad en een sauna. Zijn werkdag begint namelijk al voor het ontbijt. Dan zwemt hij en doet aan yoga. Na het ontbijt gaat hij de sauna in en daarna houdt hij zich rustig. Na de lunch slaapt hij, in de middag gaat hij richting theater. Dit ijzeren regime kent nauwelijks afwijkingen. "Ik heb het moeten leren. Alles gaat voor de voorstelling. Dit ritme heb ik nodig om mij te concentreren op wat ik om acht uur 's avonds moet presteren. Weinig romantisch hè?! Ik wil gewoon niks aan het toeval overlaten."

Om 17.00 uur stipt wordt het eten opgediend. Van 17.30 tot 18.30 uur slaapt hij weer, daarna doet hij opnieuw aan yoga en dan beginnen de voorbereidingen op de show. Omkleden, microfoon opplakken, ijsberen. Een ontboezeming: "Geer & Goor kijken is mijn guilty pleasure. Visinstructiefilmpjes mijn meditatie."

Om 19.00 uur wordt er gesoundcheckt. Myjer doet stemoefeningen aan de piano. Om precies 19.55 uur, twintig minuten voor aanvang, gaat de muziek keihard aan en springt hij touwtje om zijn spieren los te maken. Daarna loopt hij heen en weer over het podium om de zichtlijnen goed te bekijken. Zodat hij straks, als er een bak licht op hem staat, toch weet waar zijn publiek zit. "Zo ontwikkel ik mijn eigen algoritme. Paul van Vliet leerde het mij, en hij had het weer van Toon Hermans: als je een grap maakt, moet je daarna kijken, kijken, kijken. De zaal in. De mensen die het verste weg zitten, het eerst."

Na deze warming up gaan de deuren van de zaal open en stroomt het publiek binnen. De mensen zien een doek met een snelweg met auto's die in de file staan. Borden knipperen: adem in, adem uit. Het is misschien over de top wat ik doe - ik heb bijvoorbeeld ook surround geluid, er gaan veertig boxen mee - maar ik streef ernaar dat mijn voorstelling van a tot z een beleving is. Dat begint dus al bij het voordoek."

Op aanwijzen van Myjer knijpt toneelmeester Ramon nog even keihard en langdurig in Jochems schouder om de verzuring weg te masseren. "We doen alles voor ons 'inkomstenbronnetje'", grapt Ramon. Myjer loopt achter het toneel op, onzichtbaar voor de zaal. "Voel je de spanning die hier nu hangt? Die brengt het publiek mee, het zijn hun verwachtingen. Dit vind ik een geweldig moment." Even later kruipt hij in zijn decor, een levensgroot ei, en gaat de voorstelling beginnen. Het eerste dat hij doet na de overweldigende opening met dancemuziek is de mensen achterop het balkon aankijken.

Twee werelden
Vlak voor de pauze zit de meezinger 'Nog eentje dan', waarbij Myjer steeds sneller een soort sirtaki danst. Het publiek gaat uit zijn dak. Na de donkerslag (alle lichten op het toneel in een klap uit) holt Myjer de coulissen in. Toneelmeester Ramon weet dat en staat klaar met een flesje water. Myjer hijgt als een bezetene, zijn ogen staan hol, hij ziet bleek en hij zweet. Hij lijkt over zijn grenzen te zijn gegaan. "Ik snap niet dat er cabaretiers zijn die zonder pauze spelen. Ik kan dat niet", concludeert hij even later droog. Zodra het kan, loopt hij naar de kleedkamer. Bob helpt hem omkleden en Myjer zit aan een apparaat waarmee hij zijn slijmvliezen bevochtigt omdat hij last heeft van de droge lucht in het theater. "Ik ben een freak", geeft hij toe. "Als ik in Carré speel, zorg ik dat ik vooraf de horecaploeg bij elkaar heb. Ik geef een speech: 'Jullie zijn zo belangrijk voor mij, jullie zijn mijn voorprogramma'. Ik wil controle tot drie cijfers achter de komma. Iets wat ongrijpbaar is, want dat ìs theater, probeer ik rationeel te maken."

Myjer schreef een jaar aan 'Adem in, adem uit' en deed vervolgens een jaar try-outs. Net zo lang fijnslijpen tot hij tevreden is. "Ik baal ervan dat mensen vier maanden geleden nog geen perfecte voorstelling hebben gezien." Hij is toe aan zijn derde decor, de eerste twee waren niet goed, te groot, te duur. Een mindere avond kan ook niet. "Mensen staan zo lang in de rij om mij te zien. Soms is het niet te bevatten. Er zijn twee werelden: een waarin ik Jochem Myjer ben en eentje waarin ik gewoon Jochem ben."

Na afloop van de show, rond 22.15 uur, kleedt Myjer zich razendsnel om. Begroet gasten in de zaal en snelt daarna naar de foyer waar hij binnen tien minuten tig selfies weet te maken, handtekeningen zet en praatjes maakt. Daarna nog een drankje met zijn gasten en dan loopt hij terug naar zijn hotel. Daar gaat hij niet meteen naar bed, maar zwemt eerst zijn baantjes om hersteltraining voor zijn spieren te doen. Maar die wandeling, eenzaam door de nacht, is zijn geluksmoment. "Het mooiste loopje dat er is."

'Als je een grap maakt, moet je daarna kijken, kijken, kijken. De zaal in. De mensen die het verste weg zitten, het eerst.'

Meester-imitator
Jochem Myjer (40) wint in 1997 het Groninger Studenten Cabaret Festival. Daarna maakt hij 'Gegabber', Adéhadé', 'Yeee-Haa!', 'De Rust Zelve' en 'Even Geduld AUB'. Hij woont in Leiden met zijn vrouw Marloes en hun kinderen Limoni en Melle.