Henry geeft Henk een lift (Volkskrant Magazine)

Zelfhaat voor elke show

door Henk van Straten

Het lastige van bijna alle cabaretiers - en ik heb er de laatste jaren best een paar ontmoet - is dat je nooit weet of ze je voor de gek houden of niet. Iedere opmerking kan mogelijk sarcastisch bedoeld zijn. Iedere gedraging zelfs. Je bent zo gewend aan hun neiging het normale in het absurde te trekken, dat je je haast gaat schamen voor een normale opmerking (saai!), en ook hén niet gelooft als zíj eens normaal doen.

Henry van Loon is daar een mooi voorbeeld van. Een laconiek soort droge humor. Een droge houding zelfs, mocht zoiets bestaan. En een houding die hij, zeker op het podium, heeft geperfectioneerd. Als hij met zijn fiets voor me tot stilstand komt - kruising Wilhelminastraat en Rhijnvis Feithstraat, Amsterdam - vallen me zijn gladde herenschoenen en zijn nette jasje op. Heel even denk ik: dit is een typetje. De schoenen zijn ironisch bedoeld. Alsof hij niet gewoon die kledingstijl zou kunnen hebben. Alsof hij iedere kledingstijl - de ijdelheid ervan - per definitie belachelijk zou moeten maken.

We schudden elkaar de hand. Henry oogt verlegen en nonchalant tegelijk. Gelijke delen stuntelig en beheerst. De verlegenheid kan altijd worden gecompenseerd met humor - wat natuurlijk ook de macht is van de cabaretier. Misschien is dat zelfs waardoor een cabaretier ooit grappig is geworden. Móést worden.

Op weg naar komedieclub Toomler, waar hij en Daniël Arends allebei de helft van het avondprogramma voor hun rekening zullen nemen. Henry heeft alleen een voordrager, geen achterdrager. Zijn vriendin, actrice Jennifer Hoffman, heeft er al wel eens opgezeten, een klein stukje. En dat ziet er natuurlijk ook hartstikke romantisch uit, een mooie vrouw voorop. Ik ben groter en zwaarder. Om mijn evenwicht te bewaren moet ik mijn heup, en dus mijn kruis, naar voren duwen. Het dunne metaal snijdt in mijn kont. Henry rijdt overal door rood; iedere bijna-aanrijding zie ik van heel dichtbij aankomen. 'De meeste schade zou voor jou zijn', zegt Henry. 'En dan rijd ik daarna ook nog over je heen.'

De duo-voorstelling van vanavond, met Arends, is een uitzondering. Henry toert momenteel door het land met zijn vierde solovoorstelling: Sleutelmoment. Of het goed gaat? 'Jawel, jawel', zegt hij, vlak achter me, maar geheel voor me verborgen. 'In het begin was het moeilijk. Ik had een paar weken in Portugal zitten schrijven-schrijven-schrijven en had toen al bijna een hele voorstelling. Maar toen ik er voor het eerst mee op het podium stond, in Bellevue, kreeg ik last van m'n demonen.' Waarmee hij bedoelt: de onzekerheid, de zelfkritiek en soms zelfs zelfwalging. 'Wie zit hierop te wachten? Waarom is dit überhaupt belangrijk?' Een fase die hij inmiddels kent, aangezien hij hem voor iedere voorstelling weer moet doorstaan. De ratio zegt: dit hoort erbij, maar het gevoel schreeuwt: dit keer val je door de mand. 'Ik ken geroutineerde cabaretiers die dat nog steeds hebben. Je leert er beter mee omgaan, maar het gaat nooit weg. '

Aangekomen bij de ingang van Toomler, een luifel boven een trap die naar de ondergrondse club leidt, vlak naast het beruchte Hilton Hotel, stap ik van de fiets af en wrijf ik over mijn billen. Henry grijnst. 'Nu nog even mijn voor mijn vlog filmen', zegt hij, waarop hij zichzelf filmt en daarna mij. Snel loop ik bij hem vandaan. Deze en andere vlogs vind je op zijn Instagram. Kijk maar even. Is leuk. 

 

Volkskrant Magazine | 22 oktober 2016